GEDICHT
AF EN TOE vervolg->
DE DODEN. vervolg->
EVEN SAMEN HUILEN vervolg->
GAAT WEG EN BLIJF. vervolg->
DONKER ZWARTE UREN
ROOD GEEL BLAUW
ROOD GEEL BLAUW vervolg->
ZO HEEL AF EN TOE
FIETS IK NAAR MIJN HUIS
DAN WIL IK NAAR MIJN MOEDER TOE
ZO HEEL AF EN TOE
WIL IK TERUG NAAR MA
MAMA, IK MOET U NOG WAT ZEGGEN
MISSCHIEN WEET U HET AL WEL
ZO HEEL AF EN TOE
HEB IK WERKELIJK DE BEHOEFTE
MIJN MOEDER WAT TE ZEGGEN
ZELFS NA DERTIG JAREN DOOD
HEB IK ZO HEEL AF EN TOE
HAAR WEER NODIG
NIET VOOR STERKE WOORDEN
MAAR GEWOON DE KRACHT
ZO HEEL AF EN TOE
MOET IK HAAR WEER SPREKEN
EEN ONBEDWINGBARE WENS
EVEN WAT TE ZEGGEN
DAT HET LEVEN NIET ZO LEUK IS
MAAR DAT WEET ZIJ WEL
IK KOM HAAR TELKENS TEGEN
OP DE WEG VAN MIJN BESTAAN
ZO HEEL AF EN TOE
WIL IK HAAR DAT ZEGGEN
JAN RINKE HEIJER 62 JAAR.
De doden
Ik leur nog steeds met wat doden.
"Wie neemt de doden van mij over"
af en toe is het een zware last.
"Wie maakt mij los"
Ik kan ze niet zo makkelijk slijten.
"Verse Doden, Oude Doden"
Ja ze zijn vredig dood gegaan.
"Wie maakt mij los"
gebit uit de mond, ik dacht dat ze stikte.
"doden, wie neemt het over"
het weegt niks meer maar de last is zwaar.
"mooie dooien, hier nog een en daar de laatste"
het einde overviel, voor hij het wist.
"wie maakt mij los."
"Haze en konijne velle
Mam wat zegt die man eigenlijk?
hij zegt hazen en konijnen vellen.
waarom zegt hij dat mam?
die man koopt hazen en konijnen vellen."
Het kind blijft vragen, snapt het antwoord niet.
"Waarom dood?"
antwoorden zijn er niet.
we verzinnen de antwoorden.
"Ik heb nog wat nieuwe doden"
"er komen steeds meer bij"
nooit raak ik meer los.
"mooie dooie."
"stille dooie."
EVEN SAMEN HUILEN
Het verdriet te delen
jij het jouwe en ik het mijne
stilstaan bij de pijn
hoe verschillend ook
EVEN SAMEN HUILEN
In maanden lang geleden
in het leven even terug
ik mis haar voor mij
en ook voor haar
EVEN SAMEN HUILEN
Dit komt telkens terug
het gaat wel over
maar nooit meer weg
het is daarom fijn
EVEN SAMEN HUILEN
Dan weer verder gaan
met frisse moed
het leven door
GAAT WEG EN BLIJF
Help waar je kan maar zit niet in de weg.
Ik weet het ook niet het is al moeilijk genoeg.
Het geworstel en geploeter.
was ik maar kind.
was ik maar.
Er lopen 4 doden in de wei
er loopt een engel bij.
die wijst ze de weg
naar het lange leven in de dood.
Volgepakt met wetenschap,
verder geen bagage.
de grote vrijheid de lange leegte.
het aller fijnste niets.
Dan maar kijken naar ons geploeter.
Want wij moeten voort,
wij moeten verder zonder hen.
Geen enkele lach geen enkel woord
De dood is onverbiddelijk!
De lijken rusten in de zwarte grond.
Botten keurig op hun plek.
Het vlees is weg
De stropdas heeft zijn kleur behouden.
Helder blauw, hemels blauw in die zwarte grond.
Nylon sokken houden botjes bijelkaar,
knopen liggen roerloos op het borstbeen.
Het rose gebit hangt ongemakkelijk tussen de kaken.
De kruiwagen ligt vol met papa.
ik rij het naar de nieuwe rustplaats.
Nouwkeurig leg ik de botten op de juiste plek.
Het wordt niet zoals het was maar wel correct.
Nu zijn ze weer bijelkaar,
na zoveel jaren is het weer een.
Mijn ouders.
Het graf, het zwarte gat.
Mijn verdriet laat ik daar achter.
DONKER ZWARTE UREN
Al denkend in de nacht heb ik op jou gewacht.
Donker zwarte uren, stervend van de pijn,
adem stokkend, bloed opgeven.
Hoelang kan ik nog leven?
Ik kan niet wachten.
Ik wil niet wachten.
De pijn van top tot teen,
flitst als een spervuur door mij heen.
Ik wil niet langer wachten.
Mijn droge bek verlangd naar zee.
Ik verlaat mij zelf en mag niet mee.
Ik moet weer wachten.
Weer wachten,
tot mijn lichaam mij verlaat.
Nee, gepijnigd moet ik blijven.
De worsteldood, de grote angst.
Hoe houd ik dit vol?
Waarom hou ik dit uit?
Weer lig ik hier te wachten,
in donker zwarte nachten.
Ik kan niet meer.
Wees tevree!! Neem mij mee!!
Ik kan niet meer.
Ik verlaat dit pijnlijk huis.
Ben zo moe, zoo moe,
zo godvergeten moe.
Ik ben niks meer
Ik kan niks meer
Ik heb alles al gedaan.
ik weet alleen van pijn.
Dit kan toch niet echt de bedoeling zijn?
Hé hé dood heeé dooood,
hé vriend, neem mij bij de hand,
leidt mij naar de andere kant.
rood, geel, blauw,
rood, geel, blauw,geel, blauw, rood,
ik leur nog met wat doden,
wie maakt mij los!
het is een zware last,
wie neemt ze over!
zo'n last neem je mee,
ik kom er nooit vanaf!
doden! verse doden! nieuwe doden! oude doden!
ja, ja vredig zijn zij gestorven.
wees maar niet bang, dat kan, dat kan.
doden!
gebit er uit! ze stikt, ze stikt.
ze stierf in mijn armen.
lastig zo'n gebit in de dood.
rood blauw geel
ramen lappen, zonder strepen, mooie geraniums.
geraniums staan er vrolijk bij.
ga nou maar, dat mag, ga maar.
het restje mens weegt niks meer.
ze wegen niks!
maar de last is zwaar.
doden
wie maakt mij los.





